De wonderbaarlijke Brenta Dolomieten

Noes Lautier
Geschreven door Noes Lautier
Leestijd: 7 minuten

Tekst en fotografie: Noes Lautier

De Brenta Dolomieten staan sinds juni 2009 op de Werelderfgoedlijst van Unesco. Terecht, zo blijkt tijdens de Dolomiti di Brenta Trek Expert, want zeven dagen wandelen leveren slechts één minpunt en ontelbare hoogtepunten op.

Cima Mandron (3042 m), vlak bij Rifugio Alimonta

Te voet door Unesco Werelderfgoed

Het zal de argeloze bezoeker niet opvallen dat de Brenta Dolomieten op de Werelderfgoedlijst staan. Nergens staan infoborden, in de hutten is het business as usual en de meeste huttenwaarden halen hun schouders op als je vraagt wat ze ervan vinden. Opmerkelijk is dit gebrek aan trots wel, want behalve negen delen van de Dolomieten (waaronder de Brenta) staan er slechts drie andere gebieden in de Alpen op deze prestigieuze lijst.

Cima Mandron (3042 m)

Marcia en mij heeft deze vermelding in elk geval nieuwsgierig gemaakt. Ons wacht – volgens een van de criteria van Unesco waaraan de Dolomieten voldoen – een gebergte van ‘buitengewone natuurlijke schoonheid dat van prominent universeel belang is’. Mooie taal, maar er gaat niets boven zien, voelen en ruiken om de volle omvang van de Brenta in onze zintuigen te laten binnendringen. Daar beginnen we meteen mee tijdens de wandeling van het toeristische Lago di Tóvel naar de verbazingwekkende schoonheid van Malga Tuena. Malga’s zijn almboerderijen die eigendom zijn van een gemeenschap. In sommige malga’s kun je overnachten. ‘Ik vond mijn achtertuin heel gewoontjes’, zegt boer Luca van Malga Tuena, ‘maar de bezoekers zuchten altijd dat de Cima dell’Omett, die vanuit de boerderij te zien is, zo mooi contrasteert met de felgroene alpenwei en het donkergroene strookje naaldbos eronder. Daardoor besef ik dat ik bevoorrecht ben.’

Kabels op weg naar de Bocca di Brenta (2552 m)

Bivacco Costanzi

De volgende dag zijn wij bevoorrecht. De Dolomieten kruipen langzaam onder onze huid. Elke wand is anders qua kleur en structuur en hier, in dit weinig bezochte noordelijke deel, rijzen de wanden letterlijk op uit de groene alpenweiden. Grijze rots overheerst, dooraderd met fijne zwarte lijntjes.

De Bocca di Brenta (2552 m)

Niet alleen de bergen zijn divers, ook de overnachtingen. Wie de Dolomiti di Brenta Trek Expert loopt, komt niet onder Bivacco Costanzi Albasini uit. ‘Comfortabel,’ oordeelt Marcia, ‘maar bivakhutjes kunnen beter op onherbergzame plekken staan dan midden in een alpenwei.’

De laatste meters naar Rifugio Pedrotti (2494 m)

Op dag drie dalen we in een oorverdovende stilte door een bloedmooie kloof van egaalgrijs dolomietgesteente af naar het uitbundige groen van de vallei van Madonna di Campiglio. Tussen de vallei en Rifugio Graffer liggen jeepwegen waar groepjes zwoegende mountainbikers de dienst uitmaken. Maar het échte dieptepunt is de afgeragde skipiste met skiliften, sneeuwkanonnen en liftstations waar Graffer middenin staat. Wat een contrast met Costanzi. Huttenwaard Roberto Manni lacht als ik hem vraag hoe het komt dat deze skipiste onderdeel is van het werelderfgoed. ‘Ze hebben gewoon de grenzen van het Parco Naturale Adamello Brenta aangehouden. De bodem is bijzonder, daar gaat het om. Niet om wat erop gebouwd is.’ Zo ken ik er ook nog wel een paar.

Rifugio Pedrotti (2494 m)

Groepjes ferratisten

Het is slechts enkele uren lopen van Graffer naar het hart van de Brenta. Het is september, maar het lijkt wel of het hoogseizoen zojuist is losgebarsten. Na honderd meter verdwijnen hut en skipiste definitief uit het zicht en is het genieten geblazen tot en met de laatste stap van deze tocht. De lucht ruikt naar vochtige aarde en de bergen rondom staan in wisselende kleuren en vormen te lonken: van streng grijs tot okergeel. Vandaag wordt duidelijk dat wandelen niet de core business van dit gebied is. Ferratisten snellen ons voorbij op weg naar een bloedstollende klettersteig. Aan het eind van de middag blijkt dat niet iedereen daartegen is opgewassen, want op vijf minuten lopen van Rifugio Pedrotti komen we vier uitgeputte mannen tegen, grauw van de doorstane angst. De bergen kleuren vlammend rood in de ondergaande zon, maar daar hebben zij geen oog voor.

Het begin van de rolkeitjesafdaling op dag 5

Franco Nicolini is berggids en huttenwaard van Rifugio Pedrotti en Rifugio Tosa. De Tosahut wordt gebruikt als slaapplek als Pedrotti vol is, zoals vandaag, en als winterruimte. ‘Unesco heeft niks veranderd’, zegt Nicolini. ‘We hebben er weinig aan, maar er is toch één voordeel: vijf jaar geleden wilde een rijke Amerikaan de beroemde Campanile Basso kopen. Dat is niet doorgegaan omdat de Brenta nu werelderfgoed is. Een stuk ervan verkopen is niet meer aan de orde.’

Passo del Clamer (2164 m)

Dolomieten wandelen

Op dag vijf doen we de Bocca di Brenta, een steile pas vol voetsteunen en kabels. Niet moeilijk, wel leuk. Maar het typische dolomietenwandelen dient zich pas op dag zes aan. Een prachtige route leidt naar een pasje zonder naam. Daar versmalt het pad zich tot een horizontaal gruisricheltje middenin een immense rotswand, dat op schoenbrede plekken met kabels gezekerd is. De uiterst steile rolkeitjeshelling die volgt is een feest voor virtuoze puinsurfers maar wij, en vooral onze knieën, kijken uit naar het eindpunt van deze honderden meters lange afdaling. Gezeten op een grassig rotspuntje halverwege de afdaling probeert Marcia een gortdroog kruimelig broodje weg te werken. ‘Moet je zien’, zegt ze, ‘het pad in de rotswand waar we zojuist liepen is nauwelijks te herkennen.’

Malga Spora

Zwitserse berggids

Dat geldt niet voor de Passo del Clamer die ons al van verre lonkt. Een Zwitserse berggids had ons gewaarschuwd voor zeer gladde rotsplaten, maar de klim naar de 2164 meter hoge pas is een regelrecht genot. Een rotsachtig pad slingert eerst tussen boompjes en struiken en hogerop door een sappige alpenwei steil omhoog. De rotsplaten van de Zwitserse gids liggen een flink eind links van het pad. Malga Spora staat in een uitgestrekt weidegebied onderaan de pas. Hier geen luxe badkamer zoals in Malga Tuena, maar een koude kraan in de open lucht achter de langgerekte stallen en een sfeervolle slaapzaal met eeuwenoude hanenbalken. Boer Paolo runt de malga al 44 jaar. ‘Wat ik van het Werelderfgoed vind? Hier verandert niets, behalve misschien een paar bergwandelaars extra.’

Bij een glas vino rosso op een terras bij eindpunt Lago di Tóvel zegt Marcia: ‘Alleen in Tibet en Nepal heb ik zo lang achter elkaar door zo’n ongelofelijk landschap gelopen. De Brenta is echt uniek voor de Alpen. Het kan zelfs nóg mooier, als ze de etappe via Graffer aanpassen.’

Boer Paolo van Malga Spora met vrouw en dochter

Reiswijzer

  • Gebied: Dolomiti di Brenta, het westelijkste en wildste deel van de Dolomieten. De Dolomiti di Brenta vormen samen met het aangrenzende Adamellogebergte het Parco Naturale Adamello Brenta, maar alleen de Brenta Dolomieten behoren tot Unesco’s werelderfgoed.
  • Route: Dolomiti di Brenta Trek Expert, duur officiële route 7 à 9 dagen, 1 traject met klettersteig (via ferrata-uitrusting noodzakelijk). Wij deden een variant omdat we niet voor slechts enkele uren de hele tocht een via ferrata-uitrusting wilden meesjouwen.
  • Begin-/eindpunt: O.a. Madonna di Campiglio of Lago di Tóvel.
  • Uitrusting: Pickel en/of stijgijzers noodzakelijk, behalve laat in het seizoen (informeren). Volledige via ferrata-uitrusting als je de etappe met de via ferrata doet.
  • Moeilijkheidsgraad: Max. T4, overwegend T3 (excl. via ferrata). Kijk hier voor uitleg moeilijkheidswaardering.
  • Accommodatie: Bivakhut, berghutten, malga’s.
  • Reis: Utrecht – Madonna di Campiglio, ca. 1150 km.
  • Wandelkaarten
    • Kompass KP-073 Dolomiti di Brenta 1:25.000
    • Tabacco TAB-053 Dolomiti di Brenta 1:25.000
  • Gidsen

Noes Lautier
Noes Lautier
Noes Lautier kan zich een leven zonder bergen niet voorstellen. Ze was 19 jaar eindredacteur van het outdoortijdschrift Op Pad (dat niet meer bestaat) en is sinds 2007 freelance outdoorjournalist. Zij schreef drie bergwandelgidsjes (over het Mont Blancgebied en de Écrins) en ontelbare wandelartikelen. Momenteel werkt ze mee aan een nieuwe serie gidsjes over Nederlandse wandelgebieden.